Wat is het?
Bij een kind met oorpijn is bijna altijd het
middenoor ontstoken. Soms komt er etterig of bloederig vocht uit één
of beide oren. Kinderen onder de twee jaar hebben er vaak koorts bij. Een kind kan behoorlijk ziek zijn van oorpijn, waardoor het niet goed
eet of slaapt. Een baby kan oorpijn hebben als hij huilend wakker
wordt en naar de oren grijpt of met het hoofd rolt.
Bij volwassenen wijst oorpijn meestal op een
ontsteking van de huid van de gehoorgang. De gehoorgang kan rood en gezwollen zijn. Soms schilfert de huid of
komt er wat vocht uit het oor. Meestal ziet u er niets van, omdat de
ontsteking diep in de gehoorgang zit. Soms zijn de schilfering en
roodheid al aan het begin van de gehoorgang te zien. Mensen met een
smalle gehoorgang hebben vaker last van een ontsteking.
Waardoor komt het?
Het oor bestaat uit het buitenoor, het middenoor en
het binnenoor. De oorschelp en de gehoorgang vormen het buitenoor.
Buitenoor en middenoor worden door het trommelvlies gescheiden. De
buis van Eustachius verbindt het middenoor met de neus-/keelholte.
Een ontsteking van het middenoor begint meestal met
een verkoudheid. Dan zwelt het slijmvlies van de neus-/keelholte op.
Hierdoor kan de verbinding tussen neus-/keelholte en middenoor (de
buis van Eustachius) dichtgaan. Het middenoor is dan afgesloten.
Virussen of bacteriën in het middenoor kunnen zich dan gaan
vermenigvuldigen. Zo vormt zich een ontsteking, die vaak gepaard gaat
met koorts. Door de ontsteking ontstaat vocht. Het vocht kan niet weg
omdat de buis van Eustachius dichtzit. Door de ophoping van vocht komt
er druk op het trommelvlies te staan en dat doet pijn. Soms breekt het
trommelvlies open en loopt het ontstekingsvocht naar buiten. De pijn
verdwijnt dan meestal snel. Het trommelvlies gaat daarna vanzelf weer
dicht.
Een ontsteking van de gehoorgang wordt meestal door
een bacterie of een schimmel veroorzaakt. Oorsmeer beschermt tegen
ontstekingen, maar in een vochtige omgeving, zoals een zwembad, geeft
het oorsmeer minder bescherming. Ook het schoonmaken van uw oren met
een wattenstokje kan een ontsteking veroorzaken. Wattenstokjes duwen
het oorsmeer vaak dieper de gehoorgang in. Er vormt zich dan een prop
oorsmeer, waardoor het gehoor vermindert. In de broeierige ruimte
achter de prop kan gemakkelijk een ontsteking ontstaan.
Kan het kwaad?
Bijna ieder kind krijgt wel eens een
middenoorontsteking. Het kind kan er last van hebben en er ziek van zijn, maar het is niet
gevaarlijk. Meestal zijn de pijn en de koorts binnen drie dagen
verdwenen. Binnen tien dagen is het oor weer helemaal genezen. Soms
hoort het kind nog een paar weken niet zo goed.
Ook een ontsteking van de gehoorgang kan weinig
kwaad. Meestal is de gehoorgang binnen drie weken genezen.
Wat kunt u er zelf aan doen?
- Zieke kinderen moeten genoeg drinken. Dat geldt
ook voor een kind met oorpijn. Het is niet erg als het kind niet wil
eten.
- Tegen de pijn kan paracetamol helpen. Bij de
drogist of apotheek kan men u vertellen wat de juiste dosering en de
juiste vorm is (drankje, tablet of zetpil).
- U kunt bij de drogist of apotheek neusdruppels
kopen die de zwelling van het neusslijmvlies verminderen. Hierdoor
gaat de buis van Eustachius vaak weer open en kan het
ontstekingsvocht weglopen. Gebruik deze druppels niet vaker dan drie
keer per dag en niet langer dan zeven dagen achter elkaar.
- Gebruik geen wattenstokjes, lucifers of
haarspelden om de gehoorgang schoon te maken. Dat kan irritatie en
ontstekingen veroorzaken. Haal alleen zichtbaar oorsmeer weg.
Wanneer naar de huisarts?
Bij kinderen moet u contact opnemen met uw huisarts:
- als u vermoedt dat een kind, jonger dan twee
jaar, oorpijn heeft;
- als een kind, ouder dan twee jaar, drie dagen
oorpijn en koorts heeft;
- als uw kind voor de derde keer binnen een jaar
oorpijn heeft;
- als er langer dan twee weken vocht uit een oor
loopt;
- als een kind met oorpijn aldoor blijft huilen.
Volwassenen doen er goed aan contact op te nemen met de
huisarts:
- als de oorpijn heftig is;
- als lichte oorpijn langer dan twee weken duurt.
Wanneer er andere verschijnselen zijn waarover u
zich zorgen maakt, overleg dan met uw huisarts.
© Nederlands Huisartsen Genootschap |